<<< S33. KAARTEN2.83P

>>>

De twee kaarten.
Pedro Tytgat uit België simuleerde het probleem van de twee kaarten. Hij schreef:
Een vraagje uit een Vlaams handboek wiskunde luidt (ongeveer): "Joachim heeft twee kaartjes: eentje ervan (kaart A) heeft twee witte zijden, het ander (kaart B) heeft een witte en een zwarte zijde. Hij trekt een willekeurig kaartje en laat je een willekeurige zijde zien.
Stel dat die wit is: wat is dan de kans dat ook de achterzijde van het kaartje wit is?"
Het is heel erg moeilijk te accepteren dat die kans 2/3 is (en niet 1/2).
Zijn programma KAARTEN2 (dat is de naam die ik er aan gaf) geeft op de zevende regel (achter PROCNT:) het percentage van de gevallen waarin de achterkant van een getoonde witte kaart ook wit is. En ziedaar het experimentele "bewijs"!

Het programma bevat veel Booleaans vernuft bijvoorbeeld in de volgende programmaregel:
W + (C=0 OR (C=1 AND K=/=0))
Prachtig!